Pensioenleeftijd/AOW-leeftijd in 2024

HomePensioen › Pensioenleeftijd

De samenleving vergrijst en we worden steeds ouder. Om dit op te kunnen vangen, heeft het kabinet besloten om de AOW-leeftijd te verhogen, voor het eerst na meer dan een halve eeuw. Een moeilijke beslissing, omdat de AOW een van de pijlers is van het Nederlandse pensioensysteem.

In het kort
  • Een aantal jaar terug werd de AOW-leeftijd voor het eerst in meer dan een halve eeuw verhoogd, stapsgewijs naar 67

  • De AOW-leeftijd is niet hetzelfde als de pensioenleeftijd, maar hangt er wel mee samen

  • De AOW-leeftijd zal ook na 2025 blijven stijgen, met 8 maanden per extra jaar levensverwachting

  • Als je vóór de AOW-leeftijd met pensioen gaat, heeft dit een aantal belangrijke gevolgen – voor de belasting en je pensioenopbouw en -uitkering

De AOW-leeftijd is niet hetzelfde als de pensioenleeftijd. Het verschil tussen de AOW-leeftijd en de pensioenleeftijd is eenvoudig: De pensioenleeftijd is de leeftijd waarop iemand daadwerkelijk met (deeltijd-)pensioen gaat. De AOW-leeftijd is de leeftijd waarop de AOW ingaat. Veel pensioenen en lijfrenten beginnen dan ook met uitkeren.

Het is bovendien mogelijk om vóór de AOW-leeftijd met pensioen te gaan, maar dit heeft gevolgen. Niet alleen voor de AOW-uitkering, maar bijvoorbeeld ook voor de belasting in box 1.

Waarom is de AOW-leeftijd belangrijk voor mij?

Zoals we in de inleiding al schreven, kun je met pensioen gaan wanneer jij dat wilt. Ook kun je alvast stoppen met werken zonder een pensioen te ontvangen. Toch is de AOW-leeftijd om verschillende redenen een belangrijk ijkpunt. Hieronder hebben we de gevolgen van met pensioen gaan voordat je de AOW-leeftijd bereikt op een rijtje gezet:

  • Je ontvangt nog geen AOW
  • Je kunt een lijfrente of bankspaarrekening onder het nieuwe regime niet zonder meer uit laten keren
  • Je kunt een werkgeverspensioen niet zonder meer uit laten keren
  • Je bouwt minder pensioen op
  • Als je pensioenuitkeringen alvast ingaan, ontvang je minder per maand

De AOW-leeftijd – berekenen

Ben je in 2023 een twintiger of dertiger? Dan zul je waarschijnlijk langer leven dan vijftigers nu. Om ervoor te zorgen dat de AOW een geschikt instrument blijft voor het meefinancieren van de Nederlandse pensioenen, blijft de AOW-leeftijd waarschijnlijk ook gestaag stijgen.

Voor ieder jaar dat we langer leven, gaat de AOW-leeftijd acht maanden omhoog. Dit is het resultaat van een compromis, na jaren van polderen. De verwachte situatie tot 2060 is inmiddels bekend. Hieronder hebben we de volgende stapsgewijze verhogingen voor je samengevat. Zo kun je zelf opzoeken met welke AOW-leeftijd je ongeveer kunt rekenen.

Verwachte toekomstige AOW-leeftijden
Personen geboren na...
... maar vóór

67 jaar

1 maart 1957

1 januari 1961

67 jaar en drie maanden

31 december 1960

1 oktober 1963

67 jaar en zes maanden

30 september 1963

1 juli 1966

67 jaar en negen maanden

30 juni 1966

1 april 1970

68 jaar

31 maart 1970

1 januari 1973

68 jaar en drie maanden

31 december 1972

1 oktober 1975

68 jaar en zes maanden

30 september 1975

1 juli 1979

68 jaar en negen maanden

30 juni 1979

1 april 1982

69 jaar

31 maart 1982

1 januari 1986

69 jaar en drie maanden

31 december 1985

1 oktober 1989

69 jaar en zes maanden

30 september 1989

*onbekend

* Het CBS doet slechts voorspellingen tot 2060. Daarom is de verdere ontwikkeling na 2060 nog onbekend.

Tel de leeftijd links op bij je geboortedatum, en je weet wanneer je kunt verwachten dat de AOW-leeftijd ingaat. Ben je bijvoorbeeld geboren op 3 mei 1987? Dan is de verwachting dat je AOW ingaat op 3 augustus 2056 (+ 69 jaar en 3 maanden).

De AOW-leeftijd – huidige situatie

Op het moment is de AOW-leeftijd voor 2024 vastgelegd op 67 jaar. Stapsgewijs wordt de vroegere AOW-leeftijd van 65 jaar omhooggeschroefd. In de onderstaande tabel zie je wanneer de AOW-leeftijd ingaat voor diegenen die geboren zijn tussen 31 augustus 1955 en 1 januari 1958.

Alle Nederlanders die niet in de tabel staan zijn al met pensioen, of kunnen voor het moment uitgaan van een AOW-leeftijd van 67 jaar. Met het principeakkoord van 2019, heeft het kabinet besloten dat de AOW-leeftijd blijft stijgen als de levensverwachting ook blijft stijgen. In de tabel een stukje verder naar boven krijg je een inschatting van jouw pensioenleeftijd.

AOW-leeftijd overgangsfase, per jaar
AOW-leeftijd
Personen geboren na...
... maar vóór

2024

67 jaar 

28 februari 1957

1 januari 1958

2023

66 jaar en 10 maanden

31 mei 1956

1 maart 1957

2022

66 jaar en 7 maanden

31 augustus 1955

1 juni 1956

Wanneer bouw ik AOW op? En wie bouwt AOW op?

Iedereen die in Nederland woont én werkt, bouwt AOW op. Werk je in Nederland, maar woon je in het buitenland, dan bouw je doorgaans geen AOW op. Woon je in Nederland, maar werk je in het buitenland? Dan hangt het van je persoonlijke situatie af, of je AOW blijft opbouwen. In dit artikel van de Sociale Verzekeringsbank (SVB) lees je hier meer over.

Verlies je direct al je AOW als je in het buitenland gaat wonen? Nee, je bent immers verzekeringsplichtig geweest. Je bouwt gedurende ieder jaar waarin je verzekeringsplichtig bent, 2% van je AOW op. Deze periode loopt tot 50 jaar voordat je de AOW-leeftijd bereikt. Als je op je 69e met AOW gaat, bouw je vanaf je 19e dus AOW op. Ieder jaar 2%. Dus ook buitenlanders die pas later in Nederland komen te wonen bouwen een deel AOW op.

Je hoeft daarnaast niet te werken om AOW op te bouwen. Het enige wat soms niet toegestaan is, is werken in het buitenland. Werklozen, zzp’ers en alle anderen die in Nederland wonen en niet werken in het buitenland, bouwen allemaal AOW op. Onafhankelijk van nationaliteit.

De AOW-leeftijd – een korte geschiedenis

Toen de AOW in het leven geroepen werd in 1956, werd de AOW-leeftijd vastgelegd op 65 jaar. Daarom staat deze leeftijd in het collectieve geheugen van Nederlanders gegrift als synoniem voor de pensioenleeftijd.

Vanwege de snellere vergrijzing, en vooral de hogere levensverwachting, moest het systeem herzien worden. Zo zorgen we ervoor dat er genoeg arbeidskracht in de samenleving behouden blijft. Ook zouden de AOW-uitgaven anders een te groot gat slaan in de overheidsbegroting.

Zodra je 65 werd, had je gemiddeld nog ongeveer 14,5 jaar te leven in 1956. In 1980 was dit al opgelopen tot 16,3 jaar. In 2012, toen de AOW-leeftijd herzien werd, was dit al opgelopen tot 19,5 jaar. De stapsgewijze stijging van de AOW-leeftijd naar 67 jaar, werd gerechtvaardigd met de langere levensverwachting.